E-mailaanhef: waarom zou je daar veel ophef over maken?

E-mailaanhef: maak geen blunders

Iedereen wordt graag beleefd en correct aangesproken. Toch lappen veel mensen de etiquette aan hun laars. Ze verifiëren de naam van de ontvanger niet. Ze noemen je ‘meneer’ terwijl je ‘mevrouw’ bent. Of ze spreken je overdreven formeel aan, om dan op een luchtig toontje over te schakelen. Wil je je lezer niet op de kast jagen? Begin je e-mail dan met de juiste aanspreking!

Formele e-mail

Bij een formele e-mail hoort een dito aanhef. Omdat ‘Geachte’ nogal stroef en ouderwets klinkt, schrijf je beter gewoon ‘Dag’, gevolgd door ‘meneer’ of ‘mevrouw’ en de familienaam van de ontvanger. Zoals in: Dag mevrouw Van der Auwera.
Ken je alleen het geslacht? Dan wordt het ‘Dag meneer’ of ‘Dag mevrouw’.
Als je de familienaam en het geslacht niet kent, schrijf dan ‘Dag meneer of mevrouw’.

Tip: achter de aanspreking hoef je geen komma te zetten, maar het mag wel. Zorg er gewoon voor dat je consequent bent. Plaats je een komma na de aanhef? Dan volgt er ook eentje na de groet onderaan.

Informele e-mail

Een informele e-mail mag je gerust aanvangen met ‘Dag’ of ‘Goeiemorgen’, gevolgd door de voornaam. Ben je niet zeker of je ontvanger een formele of informele aanhef verkiest? Ga dan voor de (veilige) dubbele optie:
Dag mevrouw Van der Auwera
Dag Peggy

Ken je noch de naam, noch het geslacht? Dan is een neutrale aanspreking op zijn plaats. Bijvoorbeeld ‘Dag lezer’ of ‘Dag collega’.
Het irritante ‘beste,’ is not done. De ontvanger is niet jouw beste en al helemaal geen komma.

E-mailetiquette omvat natuurlijk veel meer dan de juiste aanspreking. Krijg je er zelf kop noch staart aan? Besteed je e-mails dan uit aan iemand die wél weet hoe de vork in de steel zit: je ‘beste’ copywriter Peggy.

Lees volledige artikel >

Postkaart marketing: 10 voordelen om nú te verzilveren!

Postkaart marketing heeft zelfs in het digitale tijdperk een bestaansreden. Want een prentbriefkaart is dé manier om de aandacht te trekken van je doelgroep. En om je boodschap simpel, goedkoop en efficiënt over te brengen. Ziehier 10 pluspunten van de postkaart.

  1. Geliefd

Meer dan 30 procent van de consumenten verkiest een papieren mailing om een commerciële boodschap te ontvangen. Ter vergelijking: e-mails halen een povere score van 5 procent.

  1. Direct

Een prentbriefkaart is directer en minder omslachtig dan een brief. Je ontvanger hoeft geen envelop te scheuren, noch een brief open te vouwen. Zichtbaarheid in een oogopslag!

  1. Betaalbaar

Postkaartmailings zijn voordelig en zelfs goedkoper dan brieven. Ook voor het ontwerp en het drukwerk moet je niet al te diep in je geldbuidel tasten.

  1. Veelzijdig

Via een prentbriefkaart kun je leads genereren, je merkbekendheid vergroten, een actie aankondigen, korting geven, je websiteverkeer boosten, …

  1. Eenvoudig

Een postkaart maken is kinderspel. Een opvallend beeld met een rake boodschap op de voorkant. En een korte tekst met overtuigende call to action op de achterkant.

  1. Meetbaar

Je meet gemakkelijk de respons van een mailing via prentbriefkaart. Bijvoorbeeld door er een speciaal telefoonnummer op te zetten, een gepersonaliseerde link naar je website, een unieke (korting)code, enzovoort.

  1. Overtuigend

Een postkaartmailing ontvangen is bijna zo leuk als een ansichtkaart. Je speelt ermee in op emoties zodat je de lezer sneller aanzet tot actie.

  1. Persoonlijk

Een postkaart is rechtstreeks gericht aan de ontvanger, en dus persoonlijker dan een e-mail die je ‘in bulk’ verstuurt.

  1. Opvallend

Met een papieren kaart spring je eruit, in tegenstelling tot die ene e-mail in de digitale tsunami. Bovendien openen de meeste mensen dagelijks hun brievenbus én lezen ze hun post onmiddellijk na ontvangst.

  1. Duurzaam

Een papieren mailing is milieuvriendelijker dan een digitale: de CO2-uitstoot ligt drie tot vier keer lager. De elektronica-industrie zorgt namelijk voor een gigantische afvalberg die nauwelijks wordt gerecycleerd. Terwijl er voor de papierindustrie in Europa meer bomen worden geplant dan geoogst.

Overtuigd van de voordelen van postkaart marketing? Laat mij je prentbriefkaart bedenken!

PS Postkaartmarketing schrijf je in één woord. Ik schreef het bewust in twee woorden, net zoals de meeste mensen. Beter voor de ranking in Google dus.

Lees volledige artikel >

Out of office? Vermijd saaie standaardboodschappen!

Out of office? Laat geen saai bericht na!

Beste, van X tot X ben ik niet bereikbaar via e-mail. Ik beantwoord uw mail vanaf X. Gelieve voor dringende vragen contact op te nemen met mijn collega X.

Dit out of office-bericht doet wat het moet doen: het vertelt dat je afwezig bent, wanneer je niet bereikbaar bent, en wie tijdens je verlof eventuele vragen beantwoordt. Maar … het is saai, onpersoonlijk en voorspelbaar. Dat kan beter!

Out of office: opvallen mag

Out of office-berichten mogen gerust out of the box zijn. Zo blijven ze hangen in het geheugen, en toveren ze een glimlach op het gezicht van de achterblijvers. Inspiratie nodig? Ik schotel je graag enkele van mijn out of office-berichten voor:

  • Van 12 tot en met 19 augustus trakteer ik mezelf op een weekje in la douce France. Voor een neusverdovend verblijf tussen de lavendelvelden, een Provençaals dieet en een infuus met pastis. Vanaf maandag 21 augustus sta ik paraat om tintelende teksten te schrijven en je copy te reanimeren.
  • Van 6 tot 13 juli laad ik mijn schrijfbatterijen op. Dan speel ik toerist in eigen land, met een hoeve in Sint-Laureins als uitvalsbasis. Ja, er is internet. Ja, ik ga mijn mails lezen. Nee, ik ga niet werken. Wat dan wel? Wandelen in de polders en langs kreken en kanalen. Lezen in een hangmat. Uitgebreid tafelen (zonder de menukaart te verbeteren). En de dag plukken zonder het Groene Boekje onder de arm. Vanaf maandag 16 juli schakel ik mijn schrijversbrein opnieuw in voor jou. Tot dan!
  • De boog kan niet altijd gespannen staan. Daarom leg ik spoedig mijn pen even aan de kant. Van 12 tot en met 20 juli onderneem ik een tripje met de motor in het spoor van de legendarische Inspector Morse. Ik ruil mijn habitat in voor wollige schapen, glooiende groene heuvels en het romantische decor van de Cotswolds. Vanaf 21 juli sta ik klaar om jouw teksten (nieuw) leven in te blazen.

Zelf geen schrijverstalent? Vertrouw dan op het mijne! Ik schrijf voor jou het perfecte out of office-bericht voor een zacht prijsje.

Lees volledige artikel >

Contentwriting stilt honger naar informatie

Contentwriting maakt contente klanten

Nog niet zo lang geleden was content gewoon een synoniem voor tevreden. In mijn contreien toch. En als je het uitspreekt, leg je de klemtoon op de tweede lettergreep: contént. Ik ben contént met mijn nieuwe rok. Nu is het al content wat de klok slaat. Met de klemtoon vooraan: cóntent. Cóntent dit, cóntent dat. Maar wat is het nu eigenlijk?

Show the world you’re a rock star

In marketingmiddens gooit men graag met jargon. Of dat nu is om mensen zand in de ogen te strooien of iets anders, dat laat ik in het midden. Volgens ene Robert Rose, Chief Strategy Officer van het Content Marketing Institute, is traditionele marketing ‘telling the world you’re a rock star’ en content marketing ‘showing the world that you are one’. Helder.

Eerst informeren, dan binnenrijven

Als je dat vertaalt naar mijn wereld – die van de schrijverij – deel je met contentwriting kennis waarvan je lezers en potentiële klanten watertanden. Je doet dat via blogs, whitepapers, tips, noem maar op. Met copywriting daarentegen, probeer je de vis aan de haak te slaan. Je verleidt je prospect met mooie en overtuigende woorden zodat hij bij jou koopt. Verkopen met het toetsenbord dus. Via advertenties, directmail, commerciële folders, websiteteksten, …

Geslaagd huwelijk

Het mooie nieuws is dat copy en content elkaar aanvullen en versterken. Met content serveer je je (toekomstige) klant informatie die past bij zijn interesses. Je schept vertrouwen en maakt hem warm. Met copy zet je hem aan tot actie en trap je de bal binnen. Resultaat: jij contént.

Copy of cóntent nodig? Eén adres: het mijne!

Lees volledige artikel >

Personal branding

Personal branding: what’s in a name?

Onlangs kreeg ik een belletje van een masterstudente Meertalige Professionele Communicatie. Of ik een interview zag zitten over mijn ‘personal brand’ voor haar thesis. Ik hoorde het donderen in Keulen. Tuurlijk weet ik wat branding is: een gewiekste manier om de illusie van emotionele binding te wekken. Maar mijn eigen ‘brandmerk’? Daar had ik nog niet bij stilgestaan …

George Clooney in the house

Branding dus. Apple blinkt erin uit. Nike, Coca Cola en Nespresso ook. Ik kan nooit geen Nespresso meer drinken zonder aan George Clooney te denken. Dat hebben die marketingmensen slim gezien. Bij elke teug koffie doemen die sexy ogen, zilveren haardos en tandpastaglimlach op. Dan zit ik mij daar te schamen in mijn slonzige pyjama, alsof Clooney meewarig meekijkt over mijn schouder.

Ken jezelf

Een sterk merk heeft een duidelijke identiteit die zich nestelt in je geheugen en bepaalde associaties oproept. Maar branding toepassen op jezelf? Creëer je dan geen ‘verbloemde’ perceptie? Een imago dat misschien niet helemaal strookt en vroeg of laat wordt doorprikt? Volgens mensen die er iets van kennen, begint personal branding bij zelfkennis. Leer jezelf kennen vóór je jezelf in de markt zet. Graaf diep. En vraag gerust aan anderen – niet aan je moeder of je lief – welke eigenschappen en kwaliteiten ze met jou associëren.

Kies een passend plaatje en praatje

En ik maar denken dat mensen mij inschakelen omdat ik de juiste woorden uit mijn mouw schud. En dat personal branding iets is voor socialites die bezeten zijn van zichzelf en aan de lopende band selfies posten met getuite lippen. Ik heb het mis. Mensen zijn lui en vormen in luttele seconden een oordeel over jou. Je moet ze dus voor zijn en een ‘authentiek’ praatje en prentje klaar hebben. Zo sta je nooit meer met je mond vol tanden op recepties en netwerkevents. En weten je klanten dat jij het dekseltje op hun potje bent – nog voor ze met jou in zee gaan.

Wees eerlijk

Eens je jezelf gebrandmerkt hebt met de passende stempel, moet je je merk consequent uitdragen in alles wat je zegt, schrijft en doet. Van je logo, huisstijl en website tot je blogs, Facebook-berichten en publieke verschijningen. Ben je op zoek naar werk? Plaats dan geen foto’s van zuippartijen op je Facebook-pagina. Want je toekomstige werkgever gaat je gegarandeerd googelen en je socialemediaprofielen screenen. Verkoop je jezelf als SEO-expert? Zorg dan dat je eigen website scoort in Google of je bent gejost.

Een plezier om mee te werken!

Hoe zit het nu met mijn personal brand? Ik ben verzot op schrijven en een kei in mijn vak. Bescheiden, behalve als het op mijn schrijfkunsten aankomt. Ik hou ervan om taal in jouw voordeel te hanteren zodat jij ermee scoort bij je klanten. Ik neem geen vrede met middelmatigheid. Ben vlijtig, stipt en een pietje-precies. Kom altijd afspraken na om je teksten op tijd en binnen het afgesproken budget op te leveren. Sta open voor suggesties, al worstel ik soms met kritiek (eerlijk is eerlijk). Ik schrijf beknopt als het moet, langer als het mag (zoals hier). Strooi graag met alliteraties (wollige woordkitsch, valse vrienden, …). Voeg vaak een vleugje humor toe in mijn teksten. Heb een hekel aan eenheidsworst. Ook fijn om te weten: ik ben een dierenvriend, natuurliefhebber en vegetariër. Huismus, bourgondiër en levensgenieter. En bovenal: een plezier om mee te werken en je favoriete copywriter in de regio Willebroek/Mechelen/Antwerpen (en ver daarbuiten)!

Spreekt mijn merk je aan? Zet mijn schrijversbrein dan voor jou aan het werk!

Lees volledige artikel >

Google Translate: lost in translation

Google Translate? Lachen!

Dat Google-vertalingen niet vlekkeloos zijn, weet iedereen. De vertaalcomputer braakt zinnen uit die houterig, onbegrijpelijk of lachwekkend zijn. Alsof een dronkenlap je tekst onder handen heeft genomen. Dat komt omdat Google geen context kan interpreteren, geen idiomen herkent en vertalingen vaak een omweg maken via een derde taal.

Alleen de gemakkelijke woordjes 

Ik ben er als vertaler van vlees en bloed gerust in dat de machine mijn werk niet snel zal overnemen. Toch krijgt de machine dagelijks miljoenen gebruikers over de virtuele vloer. Met korte, ondubbelzinnige tekstfragmenten gaat het soms goed. Zoals deze vertalingen van het Nederlands naar het Engels:

  • Ik ben een vertaler > I am a translator
  • Ik krijg hoofdpijn van slechte vertalingen > I get a headache from bad translations

Compleet de mist in

In uitdrukkingen, figuurlijk taalgebruik, idiomen, homoniemen, … verslikt Google Translate zich. Het resultaat is krukkig:

  • Ik krijg een punthoofd van slechte vertalingen > I get a point of chief of bad translations
  • Google Translate bakt er niets van > Google Translate does not bake anything

Op ijdele momenten hou ik Google Translate graag voor de zot (I love Google Translate for the fool).  Dan geef ik tekstjes in om de machine op de proef te stellen:

  • Vooruit met de geit! > Forward with the goat!
  • Nu breekt mijn klomp > Now my clog breaks

Google Translate heeft geen kaas gegeten van vertalen (Google Translate did not eat chease from translations). Ik gelukkig wel. Reken op mij voor al je vertalingen Engels/Nederlands, Nederlands/Engels en Frans/Nederlands.

Lees volledige artikel >

Vrouwvriendelijke taal

Beroepsnamen: mannelijk, vrouwelijk of neutraal?

In 2013 verving de Orde van Geneesheren het woord ‘geneesheer’ door ‘arts’. Omdat het merendeel van de afgestudeerde huisartsen vrouwelijk is, vond de Orde dat men die vervrouwelijking ook taalkundig moest doortrekken. Maar hoe zit het met andere beroepsnamen zoals directeur, coördinator en agent? Moet een vrouw zich directrice, coördinatrice en agente noemen, of zijn beide vormen mogelijk?

Belangrijke vuistregels

  • Heeft het beroep een mannelijke en een vrouwelijke vorm? Gebruik de mannelijke vorm dan uitsluitend voor de man, en de vrouwelijke enkel voor de vrouw. Denk aan boer versus boerin.
  • Als je de mannelijke vorm van het beroep voor beide seksen kunt gebruiken, mag je man en vrouw hetzelfde aanspreken. De vrouwelijke vorm gebruik je uitsluitend voor de vrouw. Je zegt dus leraar tegen een mannelijke leraar, en leraar óf lerares tegen een vrouwelijke. Maar nooit lerares tegen een man …
  • Bestaat er geen vrouwelijke variant van een mannelijke beroepsnaam of is die verouderd? Dan gebruik je de mannelijke vorm voor beiden. De mannelijke bijklank van zulke woorden verdwijnt gelukkig stilaan. Zeg dus gerust dokter, minister en burgemeester tegen mannen én vrouwen.
  • Als de beroepsnaam alleen een vrouwelijke vorm heeft – veelal omdat het beroep vroeger typisch vrouwelijk was – dan ‘vermannelijkt’ de naam meestal. Soms ontstaat er een nieuwe vorm die je voor beide geslachten kunt gebruiken. Zo wordt de caissière een kassabediende, de vroedvrouw een verloskundige en de secretaresse een secretariaatsmedewerker (géén secretaris, want die heeft een ander beroep). Al mag je in een vacature ook gewoon ‘secretaresse m/v’ of ‘vroedvrouw m/v’ schrijven.

Pas op: veel vrouwen stellen het niet op prijs om met de vrouwelijke vorm aangesproken te worden omdat die het sekseverschil alleen maar benadrukt. Het gaat tenslotte over de inhoud van de functie, niet het geslacht van de persoon die het beroep uitoefent.

Taalrelletje in Frankrijk

Een paar jaar terug hield de Franse Hoge Raad voor de Gelijkheid tussen Vrouwen en Mannen een pleidooi om vrouwen zichtbaarder te maken in taal. De Raad stelde een inclusieve in plaats van ‘seksistische’ spelling voor. In de nieuwe schrijfwijze moeten woorden tegelijk een mannelijke en een vrouwelijke uitgang krijgen, gescheiden door puntjes:

  • député > député.e
  • députés > député.e.s.
  • directeur > directeur.rice
  • directeurs > directeur.rice.s

De meeste Fransen vinden het ‘gepunctueerde’ letterbeeld onduidelijk, moeilijk uit te spreken en hypercorrect. Ook de Académie Française is niet opgezet met het inclusieve schrift. Het zou de Franse taal ontwrichten en het streven naar gelijkheid alleen maar hinderen. Eens?

Lees volledige artikel >

Prikkel je lezer met positivisme

Wil je klantgericht schrijven? Gebruik dan positieve woorden die dito gevoelens en associaties oproepen. Negatieve formuleringen doen het omgekeerde: ze jagen je lezer weg en doen je boodschap teniet – zélfs als die positief is.

  • Bij ons betaal je geen onderhoudskosten.
  • Onze medewerkers laten je nooit lang wachten.
  • Aarzel niet om ons te bellen.
  • Vergeet niet om de papieren in te vullen.
  • Een feest organiseren is niet moeilijk.

De onderstreepte woorden zijn negatief of afwijzend. Je kunt ze haast altijd vervangen door positieve tegenhangers die je boodschap aantrekkelijker maken.

  • Je krijgt gratis service.
  • Onze medewerkers reageren altijd snel.
  • Bel ons gerust.
  • Denk eraan om de papieren in te vullen.
  • Een feest organiseren is gemakkelijk.

Andere negatieve woorden die je het best vermijdt: moeten, helaas, probleem, schade, weigeren, geen, onbelangrijk, jammer, spijt, slechts, maar, …

Woorden die je lezer overtuigen en verleiden: voordelen, gratis, succes, waardevol, genieten, ja, mooi, wel, bonus, belofte, besparen, exclusief, vertrouwen, veilig, …

Een tekst nodig die je lezer verleidt? Ik schrijf hem met plezier voor jou!

Lees volledige artikel >

Wollige woordkitsch

Een van mijn grootste taalergernissen is het gebruik van ouderwetse woorden in geschreven taal. En jammer genoeg duiken ze niet alleen op in teksten van juristen, boekhouders en ambtenaars – typische aanhangers van stoffige parolen zoals aangaande, betreffende, alsmede en gaarne. Hoog tijd om ze te verbannen!

Van saai naar simpel

Oubollige woorden maken je tekst formeel en omslachtig. Ze hebben het effect van een slaappil op je lezer, zodat je boodschap verloren gaat. De oplossing: schrijf zoals je spreekt. Gebruik frisse, hedendaagse synoniemen. En hou het kort.

Uw schrijven de dato 4 maart aangaande de enquête, welke ik heb bijgesloten, noopt ondergetekende wederom tot een respons.

betekent hetzelfde als:

Uw brief van 4 maart over de bijgevoegde enquête dwingt mij om te antwoorden.

Meer eenvoudige alternatieven voor archaïsch Nederlands vind je op Onze Taal.

Geen tijd of zin om zelf je teksten af te stoffen? Vertrouw dan op de plumeau van je copywriter! 

Lees volledige artikel >

Valse vrienden

Vrolijke vrienden associëren we voor eeuwig met het lijflied van Nonkel Bob. En foute vrienden met vier (vr)olijke veertigers die elkaar voor de camera in de luren leggen. Maar waar komt de link tussen valse vrienden en taal vandaan?

Op een dwaalspoor
Valse vrienden, faux amis, false friends, schwere Wörter, … zijn woorden die lijken op een woord uit een andere taal, en toch iets anders betekenen. Meestal zorgen ze gewoon voor spraakverwarring. Soms is het oppassen geblazen.

Verboden te fokken
Een paardenfokker heeft in het Nederlandse taalgebied een eerbaar beroep. Maar vraag nooit – NOOIT – aan een Zuid-Afrikaan of hij paarden fokt. Want dan insinueer je dat hij het met paarden doet. De kans is groot dat hij vies (boos) wordt en je aardig (naar) vindt.

Excusez le mot
In het Nederlands heeft een amateur een negatieve bijklank (prutser), terwijl het Franse amateur verwijst naar een liefhebber. Een conducteur knipt in Frankrijk geen kaartjes, maar is gewoon een bestuurder. En een horloge hangen de Fransen aan de muur, niet om hun pols.

Beware of false friends
Ook tussen het Engels en het Nederlands steken valse vrienden de kop op. Een fabric is geen fabriek, maar een stof. Een meaning geen mening maar een betekenis. En a brave dog geen brave hond maar een dappere.

Een expert in schwere Wörter aan het woord horen? Check het legendarische Duitse interview met Jean-Marie Pfaff.

Lees volledige artikel >

Waarom wordt copywriting onderschat?

Marketing heeft design én copywriting nodig. In een ideale wereld komt éérst de copy, dan pas het grafisch ontwerp. In de echte wereld gaat het meestal andersom: de copywriter krijgt zijn opdracht aan het einde. Alsof zijn inbreng maar een bijkomstigheid is. Een achterafje. Het chocolaatje bij de koffie na een copieuze maaltijd.

Design loopt trots voorop …

… terwijl copywriting aarzelend achterop strompelt. Want de complexiteit van het ontwerpproces maakt indruk. De designer werkt met tools die voor de meesten onder ons onbekend zijn: grafische programma’s en kleurcodes, lettertypes en moodboards, wireframes en templates. Het werk van de designer is zichtbaar moeilijk. En de copywriter? Die hanteert gewoon pen en papier. Of Word en een toetsenbord. En dat kan iedereen, toch?

De copywriter serveert een afgewerkte schotel

De klant ziet alleen het resultaat, niet de inspanning die eraan voorafgaat. De copywriter werkt ijverig achter de schermen. Verricht zijn magie in stilte en eenzaamheid. Verwerkt zijn briefing, doet research, schrijft, schrapt, herschrijft, verfijnt. Dan presenteert hij de vrucht van zijn labeur: een A4’tje tekst. Wat zinnen op een blad. Geen wowfactor.

Pen, papier en passie

Wentelt de copywriter zich dan in zelfmedelijden? Toch niet. De tekstschrijver is blij met elke opdracht die je aan hem uitbesteedt. Zelfs al rest hem weinig tijd en is het budget al grotendeels opgesoupeerd. Hij neemt vrede met de kruimels, terwijl de anderen een groot stuk van de taart achter de kiezen hebben. Want levert hij sterke copywriting af en raken zijn woorden hun doel? Dan sommeert de klant hem opnieuw, en kruipt hij gelukkig achter zijn toetsenbord. De copywriter lééft om te schrijven. Hij schrijft zelfs met plezier pamfletjes die bijdragen tot erkenning voor zijn vak.

Lees volledige artikel >

Harige muze

Veel kunstenaars worden gedreven door de romantische prikkel van een muze – de brandstof die de creativiteit aandrijft en aan de basis ligt van artistieke scheppingen. Denk aan Dante en Beatrice. Andy Warhol en Edie Segwick. Roger Raveel en Zulma. Om nog te zwijgen over Picasso: zijn schilderstijlen lopen haast synchroon met het va-et-vient van zijn minnaressen.

Sommige artiesten putten liever inspiratie uit een harige viervoeter dan een langbenige deerne met porseleinen huid en welgevormde lippen. David Hockney verafgoodt zijn teckels. Frieda Kahlo portretteerde haar hond als een Azteekse god. En in de studio van Ai Weiwei zwaaien tientallen straatkatten de plak.

Een copywriter is geen kunstenaar – dat hoor je mij niet zeggen. Maar steekt de angst voor het witte blad de kop op? Of staat de inspiratie op een laag pitje? Dan zwengelt mijn harige muze Binky mijn creativiteit aan. Onze wandelingen zijn een vast ritueel en brengen structuur in mijn werkdag. En telkens keer ik met verse inspiratie huiswaarts. Conclusie: een hond maakt je productiever. En zou ook een prima therapeut, sociaal bindmiddel en antidepressivum zijn …

Lees volledige artikel >

Kommaneuker

De komma is belangrijker dan je denkt. Want fout kommagebruik zet je lezer op het verkeerde been:

‘Ik hou van kinderen koken en lezen.’

Tenzij je een psychopaat bent die graag kinderen kookt, zet je een komma na kinderen.

Juist gebruik van komma’s kan levens redden:

‘Eet je mee grootvader?’ is een uitnodiging om opa te verorberen.

‘Eet je mee, grootvader?’ is een verzoek aan je opa om samen te eten.

Wanneer plaats je een komma?

  • in opsommingen: Ze eet een appel, een peer en een banaan.
  • als je een rustpauze hoort in de zin: Hij deed aan voetbal, zij aan ballet.
  • tussen opeenvolgende persoonsvormen: Zodra je mij belt, spring ik in mijn auto.
  • voor voegwoorden zoals maar, terwijl, omdat, … : Ik ga vroeg naar bed, maar sta ook vroeg op.
  • voor en na bijstellingen: Meneer Verbiest, de leraar Frans, geeft ons veel huiswerk.
  • voor of na een aanspreking: Blijf je thuis, grootvader?
  • als de zin een andere betekenis krijgt:
    • Filip, de broer van Tim, en Nico kijken samen tv. (twee mensen kijken samen tv: Filip en Nico)
    • Filip, de broer van Tim en Nico kijken samen tv. (drie mensen kijken samen tv: Filip, Tims broer en Nico).

Zelf geen kommaneuker? Huur er dan eentje in die zich over jouw komma’s en interpunctie ontfermt.

 

Lees volledige artikel >

Dood aan de spatie!

In het Nederlands schrijf je samenstellingen van twee of meer woorden zoveel mogelijk aan elkaar. Aaneen. In één woord. Zonder nodeloze spaties die tot lachwekkende en schrijnende misverstanden leiden.

  • Eet kamer is een bevel om de kamer op te eten. De eetkamer is de plek waar je een maaltijd nuttigt.
  • Speelterrein voor twee tot zes jarigen is een veld waar uitsluitend jarigen mogen spelen. Minimaal twee en maximaal zes feestneuzen die samen een heuglijke dag doorbrengen. Lijkt me vergezocht. Een speelterrein voor twee- tot zesjarigen dus.
  • Een lange afstandsloper is een sportieveling van 1,90 meter. Een langeafstandsloper loopt lange afstanden.
  • Rode wijnglas is een rood glas om wijn uit te drinken. Bedoel je een glas voor rode wijn? Dan is het een rodewijnglas, het zusje van een wittewijnglas.

Ik ben niet de enige muggenzifter die zich stoort aan overmatig spatiegebruik. Op www.spatiegebruik.nl verzamelen ze hilarische voorbeelden.

Schrijf je dan álle samenstellingen in één woord? Nee, dat zou te gemakkelijk zijn. In sommige gevallen zet je een koppelteken tussen de woorden:

  • bij klinkerbotsing: milieu-inspectie (versus milieuorganisatie, milieuverslag, …)
  • bij lange samenstellingen: hogedruk-gasslang (om de leesbaarheid te bevorderen)
  • bij samenstellingen die eindigen met een symbool, letter of cijfer: nummer 1-prioriteit, vitamine C-kuur
  • bij samenstellingen met uitheemse woorden: a-capellagroep (versus: a capella), haute-couturezaak (versus: haute couture)

En hier houden de uitzonderingen helaas niet op. Geen nood: de woordenlijst van de Taalunie biedt uitkomst bij twijfel.

Lees volledige artikel >

Verkoop voordelen

Wil je meer verkopen? Focus dan op klantvoordelen in je commerciële communicatie. Want met een slechte verkoopbrief verspil je tijd en geld. En wek je ergernis op bij de ontvanger omdat je hem niet ernstig neemt. Dat begint vaak met een verkeerde aanspreking of naam, gevolgd door een resem vage argumenten. Ook tenenkrullend: taalfouten en egotripperij. Ellenlange opsommingen van productvoordelen. Met hagel schieten in plaats van met scherp. Ontbreken van een call to action. En bovenal: geen antwoord op:

de hamvraag:

‘Hoe word ik er beter van?’ Dat is het enige wat je lezer interesseert – wát je ook probeert te verpatsen. Focus dus op productvoordelen in plaats van producteigenschappen. Zet geen boompje op over de hyaluron in dagcrème. Beloof een gladde huid. Hamer niet op de springveren in de matras. Verkoop een goede nachtrust. En het rendement van die warmwaterketel zal je koper worst wezen. Hij wil snel warm water tegen een voordelig tarief.

Een verkoopbrief die verkoopt? Vertrouw op je copywriter!

Lees volledige artikel >

Schrijf klare taal

Mensen strooien in hun teksten graag met moeilijke woorden in plaats van klare taal. Omdat ze zich een slim imago willen aanmeten. Omdat ze denken dat complexe teksten een betere indruk maken. Of omdat ze verknocht zijn aan jargon en ambtenarees. Toch gaan zulke teksten compleet de mist in. Want als je lezer er kop noch staart aan krijgt, haakt hij onmiddellijk af.

10 tips voor helder taalgebruik

  1. Vermijd zoveel mogelijk vaktaal.
  2. Splits lange, samengestelde zinnen op in kortere, enkelvoudige zinnen.
  3. Hanteer pseudospreektaal: lees je tekst hardop. Zo hoor je meteen of hij goed bekt.
  4. Stem je woordkeuze en schrijfstijl af op je doelgroep.
  5. Gebruik actieve werkwoordsvormen: ‘een medewerker geeft het antwoord’ in plaats van ‘het antwoord wordt gegeven door een medewerker’.
  6. Focus op de essentie: wie, wat, waar, …
  7. Bouw een uniform verhaal met een logische structuur.
  8. Schrijf concreet: vermijd containerbegrippen die zo algemeen zijn dat ze geen zeggingskracht meer hebben (kwaliteit, service, dynamisch, …).
  9. Shoot your biggest gun first: zet de belangrijkste info vooraan.
  10. Schuif je ego aan de kant: schrijf voor je lezer, niet over jezelf.

Wil je het simpel houden? Huur mij in!

Lees volledige artikel >

5 redenen om géén copywriter in te huren

Waarom een tekstschrijver huren?

  1. Je hebt tijd genoeg om zelf te schrijven – desnoods tussen de soep en de patatten.
  2. Je neemt vrede met stoffige teksten en taalblunders.
  3. Je verkoopt zo ook al genoeg.
  4. Je geeft geen barst om je imago.
  5. Je hebt er al eentje die goud waard is.

Voel je je niet aangesproken? Schakel dan wél een freelancecopywriter in. Zo krijg je:

  1. knisperende teksten die je imago boosten
  2. overtuigende schrijfsels die je klanten over de streep trekken
  3. meer tijd om te focussen op je kerntaken
  4. een frisse blik van iemand die zich in de schoenen van je klanten verplaatst
  5. ultieme flexibiliteit: je schakelt mij in wanneer je mij nodig hebt – op vaste of piekmomenten, op projectbasis, tijdens vakantieperiodes, …
Lees volledige artikel >

Breek een lans voor de freelancer!

De boog van de freelance tekstschrijver staat niet altijd gespannen. Niet omdat er iets mis is met zijn arbeidsethos – au contraire! Wel omdat hij schrijfklussen opknapt als een ‘vrije lans’. Net zoals de middeleeuwse ridders waaraan hij zijn naam ontleent, is de huidige freelance copywriter geen vaste opdrachtgever toegewijd. Je huurt hem in als een tekstsoldaat: een koene avonturier die dapper zijn schrijfkunsten ontplooit wanneer je hem ontbiedt.

Van vrije lansier …

Het was Sir Walter Scott die het woord freelance lanceerde (pun intended) in zijn klassieker Ivanhoe. Gewapend met eigen lans en paard, trok de vrije lansier ten strijde. Voor om het even wie en om het even wat. Hij voerde taken uit die zijn opdrachtgevers niet konden of wilden doen. Veelal gevaarlijke opdrachten. En nog slecht betaald ook.

… tot vrije tekstschrijver

De freelance tekstschrijver voert gelukkig geen strijd op leven en dood. Hij krijgt doorgaans een redelijke vergoeding. En hij neemt je onbevreesd taken uit handen waarvoor je zelf geen tijd of aanleg hebt. Hoezo, iedereen kan toch schrijven? Ja, maar niet foutloos, wervend en doelgericht.

Je freelance copywriter is een tekstexpert die je boodschap treffend verwoordt, je merk oppoetst en je doelgroep bij het nekvel grijpt. Je verkoper op papier en op het net.

Wil je potentiële klanten tot actie aanzetten? Overtuigen met de juiste argumenten? En méér verkopen met minder moeite? Huur mij dan nú in. Ik scherp alvast mijn pen.

Lees volledige artikel >

Kunnen? Wegbonjouren!

Hulpwerkwoorden helpen niet

‘Onze algemene voorwaarden kan u vinden op onze website.’

Aargh! Zie je wat er mis is met deze zin? Welk hulpwerkwoord hier compleet overbodig is? Juist, kunnen. Hulpwerkwoorden maken een zin nodeloos lang en gekunsteld. Zo boet je tekst aan kracht in. Schrappen dus. En draai de zin meteen ook om:

‘U vindt onze algemene voorwaarden op onze website.’

Zeg nu zelf: klinkt een pak beter, toch?

Modale hulpwerkwoorden

Ook hulpwerkwoorden zoals willen, mogen, moeten en zullen maken een zin formeel en stroef. Deze werkwoorden van modaliteit (ook wel modale hulpwerkwoorden) geven de houding aan ten opzichte van het werkwoord. Van een mogelijkheid of een wenselijkheid tot een waarschijnlijkheid. Gebruik je ze wanneer je ze niet nodig hebt? Dan ondermijnen ze de kracht van je zin.

Schrijf niet:

  • Ik zou graag piano willen spelen.
  • Met dit product kunt u veel geld besparen.
  • De winkel zal gesloten zijn op 1 november.

Schrijf wel:

  • Ik wil piano spelen.
  • Met dit product bespaart u veel geld.
  • De winkel is gesloten op 1 november.

Worstel je ook met een woordverslaving? Heb je de neiging om teksten te overladen met nutteloze formuleringen? Ik zet ze voor jou op dieet!

 

Lees volledige artikel >

Dt-allergie

Dt-fouten: de nachtmerrie van iedere taalnazi. Maal je er niet om? Dat doe je beter wél. Want dt-fouten in je professionele teksten schaden je imago. Ze geven een slordige indruk. En zorgen soms voor een verkeerde interpretatie:

‘Dader van aanslag bekend’ betekent dat men weet wie de boosdoener is. Bekend is hier het voltooid deelwoord van bekennen.

Kopt de titel ‘Dader van aanslag bekent’, dan heeft hij/zij opgebiecht. Bekent is het werkwoord in de tegenwoordige tijd. 

Ezelsbruggetje

Twijfel je of je d of dt moet schrijven in de tegenwoordige tijd? Vervang het werkwoord dan door eentje waarvan de stam niet op een d eindigt:

  • ik word (zonder t) want ik loop (niet: ik loopt)
  • jij wordt (met t) want jij loopt
  • word jij want loop jij (niet: loopt jij)
  • hij/zij wordt want hij/zij loopt
  • u wordt want u loopt
  • wordt u want loopt u

Hetzelfde geldt voor de gebiedende wijs:

  • Word wakker! (zonder t) naar analogie met Blijf wakker!
  • Wend je tot de meester! want Draai je naar de meester toe!

Hoe vind je de stam van een werkwoord?

De stam van een werkwoord is meestal de infinitief min ‘en’. In de tegenwoordige tijd voeg je een ’t ‘ toe bij de tweede en derde persoon enkelvoud. Dus:

  • jij wordt (stam + t)
  • hij/zij/het wordt (stam + t)

Pas op: als het werkwoord een lange klinker heeft, moet je aan de stam een klinker toevoegen:

  • spelen: stam is speel (niet spel) > jij speelt

Heeft het werkwoord een dubbele medeklinker? Dan moet je er eentje afhalen in de stam:

  • bakken: stam is bak (niet bakk) > jij bakt

Eindigt de ruwe stam op een v? Dan verander je die in een f. Een z wordt dan weer een s:

  • beven: stam is beef (lange klinker + v wordt f) > jij beeft
  • blazen: stam is blaas (lange klinker + z wordt s) > jij blaast

Krijg je toch nog een punthoofd van de dt-regel? Laat je tekst dan door mij nalezen. Ik speur dt-fouten en andere blunders genadeloos op!

Lees volledige artikel >

Nederlands, please!

Gebruik je graag Engelse woorden in je teksten? Prima, zolang je er niet mee overdrijft. En zeker als het leenwoord is ingeburgerd of als er (nog) geen (goed) Nederlands alternatief bestaat. Vooral in de wereld van IT en technologie zijn Engelse leenwoorden schering en inslag: van website en homepage tot downloaden. En van harddisk en cloud tot outsourcen. Geen haan die ernaar kraait.

Wanneer wordt het irritant?

  • Als je Engelse woorden gebruikt om indruk te maken, of als ze de verstaanbaarheid van je tekst ondermijnen.

Save uw file over de feasibility study in de cloud.

Huh? Waarom niet gewoon: Bewaar uw bestand over de haalbaarheidsstudie in de cloud. (in de wolken is dan weer een brug te ver)

  • Als je te achteloos met Engelse termen strooit en je teksten doorspekt met woorden zoals kids, chillen, added value, out of the box, chick, crush, epic, swag, awesome, …

Hoe zit het met anglicismen?

In het Nederlands kom je vaak ook woorden tegen die letterlijk uit het Engels zijn vertaald. Anglicismen of leenvertalingen geven een slordige indruk en getuigen van luiheid. Typische voorbeelden:

  • acteren in de betekenis van handelen – to act
  • actie nemen in plaats van actie ondernemen – to take action
  • biljoen in plaats van miljard – billion
  • hinten op in plaats van zinspelen op – to hint at
  • meer of minder in plaats van min of meer – more or less
  • meest recent in plaats van recenter – most recent
  • atmosfeer in de betekenis van sfeer – atmosphere

Liever een loepzuivere tekst? Je copywriter haalt er moeiteloos alle leenvertalingen uit!

Lees volledige artikel >