Google Translate: lost in translation

Google Translate? Lachen!

Dat Google-vertalingen niet vlekkeloos zijn, weet iedereen. De vertaalcomputer braakt zinnen uit die houterig, onbegrijpelijk of lachwekkend zijn. Alsof een dronkenlap je tekst onder handen heeft genomen. Dat komt omdat Google geen context kan interpreteren, geen idiomen herkent en vertalingen vaak een omweg maken via een derde taal.

Alleen de gemakkelijke woordjes 

Ik ben er als vertaler van vlees en bloed gerust in dat de machine mijn werk niet snel zal overnemen. Toch krijgt de machine dagelijks miljoenen gebruikers over de virtuele vloer. Met korte, ondubbelzinnige tekstfragmenten gaat het soms goed. Zoals deze vertalingen van het Nederlands naar het Engels:

  • Ik ben een vertaler > I am a translator
  • Ik krijg hoofdpijn van slechte vertalingen > I get a headache from bad translations

Compleet de mist in

In uitdrukkingen, figuurlijk taalgebruik, idiomen, homoniemen, … verslikt Google Translate zich. Het resultaat is krukkig:

  • Ik krijg een punthoofd van slechte vertalingen > I get a point of chief of bad translations
  • Google Translate bakt er niets van > Google Translate does not bake anything

Op ijdele momenten hou ik Google Translate graag voor de zot (I love Google Translate for the fool).  Dan geef ik tekstjes in om de machine op de proef te stellen:

  • Vooruit met de geit! > Forward with the goat!
  • Nu breekt mijn klomp > Now my clog breaks

Google Translate heeft geen kaas gegeten van vertalingen (Google Translate did not eat chease from translations). Ik gelukkig wel. Reken op mij voor al je vertalingen Engels/Nederlands, Nederlands/Engels en Frans/Nederlands.

Lees volledige artikel > Sluit >

Vrouwvriendelijke taal

Beroepsnamen: mannelijk, vrouwelijk of neutraal?

In 2013 verving de Orde van Geneesheren het woord ‘geneesheer’ door ‘arts’. Omdat het merendeel van de afgestudeerde huisartsen vrouwelijk is, vond de Orde dat men die vervrouwelijking ook taalkundig moest doortrekken. Maar hoe zit het met andere beroepsnamen zoals directeur, coördinator en agent? Moet een vrouw zich directrice, coördinatrice en agente noemen, of zijn beide vormen mogelijk?

Belangrijke vuistregels

  • Heeft het beroep een mannelijke en een vrouwelijke vorm? Gebruik de mannelijke vorm dan uitsluitend voor de man, en de vrouwelijke enkel voor de vrouw. Denk aan boer versus boerin.
  • Als je de mannelijke vorm van het beroep voor beide seksen kunt gebruiken, mag je man en vrouw hetzelfde aanspreken. De vrouwelijke vorm gebruik je uitsluitend voor de vrouw. Je zegt dus leraar tegen een mannelijke leraar, en leraar óf lerares tegen een vrouwelijke. Maar nooit lerares tegen een man …
  • Bestaat er geen vrouwelijke variant van een mannelijke beroepsnaam of is die verouderd? Dan gebruik je de mannelijke vorm voor beiden. De mannelijke bijklank van zulke woorden verdwijnt gelukkig stilaan. Zeg dus gerust dokter, minister en burgemeester tegen mannen én vrouwen.
  • Als de beroepsnaam alleen een vrouwelijke vorm heeft – veelal omdat het beroep vroeger typisch vrouwelijk was – dan ‘vermannelijkt’ de naam meestal. Soms ontstaat er een nieuwe vorm die je voor beide geslachten kunt gebruiken. Zo wordt de caissière een kassabediende, de vroedvrouw een verloskundige en de secretaresse een secretariaatsmedewerker (géén secretaris, want die heeft een ander beroep). Al mag je in een vacature ook gewoon ‘secretaresse m/v’ of ‘vroedvrouw m/v’ schrijven.

Pas op: veel vrouwen stellen het niet op prijs om met de vrouwelijke vorm aangesproken te worden omdat die het sekseverschil alleen maar benadrukt. Het gaat tenslotte over de inhoud van de functie, niet het geslacht van de persoon die het beroep uitoefent.

Taalrelletje in Frankrijk

Een paar jaar terug hield de Franse Hoge Raad voor de Gelijkheid tussen Vrouwen en Mannen een pleidooi om vrouwen zichtbaarder te maken in taal. De Raad stelde een inclusieve in plaats van ‘seksistische’ spelling voor. In de nieuwe schrijfwijze moeten woorden tegelijk een mannelijke en een vrouwelijke uitgang krijgen, gescheiden door puntjes:

  • député > député.e
  • députés > député.e.s.
  • directeur > directeur.rice
  • directeurs > directeur.rice.s

De meeste Fransen vinden het ‘gepunctueerde’ letterbeeld onduidelijk, moeilijk uit te spreken en hypercorrect. Ook de Académie Française is niet opgezet met het inclusieve schrift. Het zou de Franse taal ontwrichten en het streven naar gelijkheid alleen maar hinderen. Eens?

Lees volledige artikel > Sluit >

Prikkel je lezer met positivisme

Wil je klantgericht schrijven? Gebruik dan positieve woorden die dito gevoelens en associaties oproepen. Negatieve formuleringen doen het omgekeerde: ze jagen je lezer weg en doen je boodschap teniet – zélfs als die positief is.

  • Bij ons betaal je geen onderhoudskosten.
  • Onze medewerkers laten je nooit lang wachten.
  • Aarzel niet om ons te bellen.
  • Vergeet niet om de papieren in te vullen.
  • Een feest organiseren is niet moeilijk.

De onderstreepte woorden zijn negatief of afwijzend. Je kunt ze haast altijd vervangen door positieve tegenhangers die je boodschap aantrekkelijker maken.

  • Je krijgt gratis service.
  • Onze medewerkers reageren altijd snel.
  • Bel ons gerust.
  • Denk eraan om de papieren in te vullen.
  • Een feest organiseren is gemakkelijk.

Andere negatieve woorden die je het best vermijdt: moeten, helaas, probleem, schade, weigeren, geen, onbelangrijk, jammer, spijt, slechts, maar, …

Woorden die je lezer overtuigen en verleiden: voordelen, gratis, succes, waardevol, genieten, ja, mooi, wel, bonus, belofte, besparen, exclusief, vertrouwen, veilig, …

Een tekst nodig die je lezer verleidt? Ik schrijf hem met plezier voor jou!

Lees volledige artikel > Sluit >

Wollige woordkitsch

Een van mijn grootste taalergernissen is het gebruik van ouderwetse woorden in geschreven taal. En jammer genoeg duiken ze niet alleen op in teksten van juristen, boekhouders en ambtenaars – typische aanhangers van stoffige parolen zoals aangaande, betreffende, alsmede en gaarne. Hoog tijd om ze te verbannen!

Van saai naar simpel

Oubollige woorden maken je tekst formeel en omslachtig. Ze hebben het effect van een slaappil op je lezer, zodat je boodschap verloren gaat. De oplossing: schrijf zoals je spreekt. Gebruik frisse, hedendaagse synoniemen. En hou het kort.

Uw schrijven de dato 4 maart aangaande de enquête, welke ik heb bijgesloten, noopt ondergetekende wederom tot een respons.

betekent hetzelfde als:

Uw brief van 4 maart over de bijgevoegde enquête dwingt mij om te antwoorden.

Meer eenvoudige alternatieven voor archaïsch Nederlands vind je op Onze Taal.

Geen tijd of zin om zelf je teksten af te stoffen? Vertrouw dan op de plumeau van je copywriter! 

Lees volledige artikel > Sluit >

Valse vrienden

Vrolijke vrienden associëren we voor eeuwig met het lijflied van Nonkel Bob. En foute vrienden met vier (vr)olijke veertigers die elkaar voor de camera in de luren leggen. Maar waar komt de link tussen valse vrienden en taal vandaan?

Op een dwaalspoor
Valse vrienden, faux amis, false friends, schwere Wörter, … zijn woorden die lijken op een woord uit een andere taal, en toch iets anders betekenen. Meestal zorgen ze gewoon voor spraakverwarring. Soms is het oppassen geblazen.

Verboden te fokken
Een paardenfokker heeft in het Nederlandse taalgebied een eerbaar beroep. Maar vraag nooit – NOOIT – aan een Zuid-Afrikaan of hij paarden fokt. Want dan insinueer je dat hij het met paarden doet. De kans is groot dat hij vies (boos) wordt en je aardig (naar) vindt.

Excusez le mot
In het Nederlands heeft een amateur een negatieve bijklank (prutser), terwijl het Franse amateur verwijst naar een liefhebber. Een conducteur knipt in Frankrijk geen kaartjes, maar is gewoon een bestuurder. En een horloge hangen de Fransen aan de muur, niet om hun pols.

Beware of false friends
Ook tussen het Engels en het Nederlands steken valse vrienden de kop op. Een fabric is geen fabriek, maar een stof. Een meaning geen mening maar een betekenis. En a brave dog geen brave hond maar een dappere.

Een expert in schwere Wörter aan het woord horen? Check het legendarische Duitse interview met Jean-Marie Pfaff.

Lees volledige artikel > Sluit >

Waarom wordt copywriting onderschat?

Marketing heeft design én copywriting nodig. In een ideale wereld komt éérst de copy, dan pas het grafisch ontwerp. In de echte wereld gaat het meestal andersom: de copywriter krijgt zijn opdracht aan het einde. Alsof zijn inbreng maar een bijkomstigheid is. Een achterafje. Het chocolaatje bij de koffie na een copieuze maaltijd.

Design loopt trots voorop …

… terwijl copywriting aarzelend achterop strompelt. Want de complexiteit van het ontwerpproces maakt indruk. De designer werkt met tools die voor de meesten onder ons onbekend zijn: grafische programma’s en kleurcodes, lettertypes en moodboards, wireframes en templates. Het werk van de designer is zichtbaar moeilijk. En de copywriter? Die hanteert gewoon pen en papier. Of Word en een toetsenbord. En dat kan iedereen, toch?

De copywriter serveert een afgewerkte schotel

De klant ziet alleen het resultaat, niet de inspanning die eraan voorafgaat. De copywriter werkt ijverig achter de schermen. Verricht zijn magie in stilte en eenzaamheid. Verwerkt zijn briefing, doet research, schrijft, schrapt, herschrijft, verfijnt. Dan presenteert hij de vrucht van zijn labeur: een A4’tje tekst. Wat zinnen op een blad. Geen wowfactor.

Pen, papier en passie

Wentelt de copywriter zich dan in zelfmedelijden? Toch niet. De tekstschrijver is blij met elke opdracht die je aan hem uitbesteedt. Zelfs al rest hem weinig tijd en is het budget al grotendeels opgesoupeerd. Hij neemt vrede met de kruimels, terwijl de anderen een groot stuk van de taart achter de kiezen hebben. Want levert hij sterke copywriting af en raken zijn woorden hun doel? Dan sommeert de klant hem opnieuw, en kruipt hij gelukkig achter zijn toetsenbord. De copywriter lééft om te schrijven. Hij schrijft zelfs met plezier pamfletjes die bijdragen tot erkenning voor zijn vak.

Lees volledige artikel > Sluit >

Harige muze

Veel kunstenaars worden gedreven door de romantische prikkel van een muze – de brandstof die de creativiteit aandrijft en aan de basis ligt van artistieke scheppingen. Denk aan Dante en Beatrice. Andy Warhol en Edie Segwick. Roger Raveel en Zulma. Om nog te zwijgen over Picasso: zijn schilderstijlen lopen haast synchroon met het va-et-vient van zijn minnaressen.

Sommige artiesten putten liever inspiratie uit een harige viervoeter dan een langbenige deerne met porseleinen huid en welgevormde lippen. David Hockney verafgoodt zijn teckels. Frieda Kahlo portretteerde haar hond als een Azteekse god. En in de studio van Ai Weiwei zwaaien tientallen straatkatten de plak.

Een copywriter is geen kunstenaar – dat hoor je mij niet zeggen. Maar steekt de angst voor het witte blad de kop op? Of staat de inspiratie op een laag pitje? Dan zwengelt mijn harige muze Binky mijn creativiteit aan. Onze wandelingen zijn een vast ritueel en brengen structuur in mijn werkdag. En telkens keer ik met verse inspiratie huiswaarts. Conclusie: een hond maakt je productiever. En zou ook een prima therapeut, sociaal bindmiddel en antidepressivum zijn …

Lees volledige artikel > Sluit >

Kommaneuker

De komma is belangrijker dan je denkt. Want fout kommagebruik zet je lezer op het verkeerde been:

‘Ik hou van kinderen koken en lezen.’

Tenzij je een psychopaat bent die graag kinderen kookt, zet je een komma na kinderen.

Juist gebruik van komma’s kan levens redden:

‘Eet je mee grootvader?’ is een uitnodiging om opa te verorberen.

‘Eet je mee, grootvader?’ is een verzoek aan je opa om samen te eten.

Wanneer plaats je een komma?

  • in opsommingen: Ze eet een appel, een peer en een banaan.
  • als je een rustpauze hoort in de zin: Hij deed aan voetbal, zij aan ballet.
  • tussen opeenvolgende persoonsvormen: Zodra je mij belt, spring ik in mijn auto.
  • voor voegwoorden zoals maar, terwijl, omdat, … : Ik ga vroeg naar bed, maar sta ook vroeg op.
  • voor en na bijstellingen: Meneer Verbiest, de leraar Frans, geeft ons veel huiswerk.
  • voor of na een aanspreking: Blijf je thuis, grootvader?
  • als de zin een andere betekenis krijgt:
    • Filip, de broer van Tim, en Nico kijken samen tv. (twee mensen kijken samen tv: Filip en Nico)
    • Filip, de broer van Tim en Nico kijken samen tv. (drie mensen kijken samen tv: Filip, Tims broer en Nico).

Zelf geen kommaneuker? Huur er dan eentje in die zich over jouw komma’s en interpunctie ontfermt.

 

Lees volledige artikel > Sluit >

Dood aan de spatie!

In het Nederlands schrijf je samenstellingen van twee of meer woorden zoveel mogelijk aan elkaar. Aaneen. In één woord. Zonder nodeloze spaties die tot lachwekkende en schrijnende misverstanden leiden.

  • Eet kamer is een bevel om de kamer op te eten. De eetkamer is de plek waar je een maaltijd nuttigt.
  • Speelterrein voor twee tot zes jarigen is een veld waar uitsluitend jarigen mogen spelen. Minimaal twee en maximaal zes feestneuzen die samen een heuglijke dag doorbrengen. Lijkt me vergezocht. Een speelterrein voor twee- tot zesjarigen dus.
  • Een lange afstandsloper is een sportieveling van 1,90 meter. Een langeafstandsloper loopt lange afstanden.
  • Rode wijnglas is een rood glas om wijn uit te drinken. Bedoel je een glas voor rode wijn? Dan is het een rodewijnglas, het zusje van een wittewijnglas.

Ik ben niet de enige muggenzifter die zich stoort aan overmatig spatiegebruik. Op www.spatiegebruik.nl verzamelen ze hilarische voorbeelden.

Schrijf je dan álle samenstellingen in één woord? Nee, dat zou te gemakkelijk zijn. In sommige gevallen zet je een koppelteken tussen de woorden:

  • bij klinkerbotsing: milieu-inspectie (versus milieuorganisatie, milieuverslag, …)
  • bij lange samenstellingen: hogedruk-gasslang (om de leesbaarheid te bevorderen)
  • bij samenstellingen die eindigen met een symbool, letter of cijfer: nummer 1-prioriteit, vitamine C-kuur
  • bij samenstellingen met uitheemse woorden: a-capellagroep (versus: a capella), haute-couturezaak (versus: haute couture)

En hier houden de uitzonderingen helaas niet op. Geen nood: de woordenlijst van de Taalunie biedt uitkomst bij twijfel.

Lees volledige artikel > Sluit >

Verkoop voordelen

Wil je meer verkopen? Focus dan op klantvoordelen in je commerciële communicatie. Want met een slechte verkoopbrief verspil je tijd en geld. En wek je ergernis op bij de ontvanger omdat je hem niet ernstig neemt. Dat begint vaak met een verkeerde aanspreking of naam, gevolgd door een resem vage argumenten. Ook tenenkrullend: taalfouten en egotripperij. Ellenlange opsommingen van productvoordelen. Met hagel schieten in plaats van met scherp. Ontbreken van een call to action. En bovenal: geen antwoord op:

de hamvraag:

‘Hoe word ik er beter van?’ Dat is het enige wat je lezer interesseert – wát je ook probeert te verpatsen. Focus dus op productvoordelen in plaats van producteigenschappen. Zet geen boompje op over de hyaluron in dagcrème. Beloof een gladde huid. Hamer niet op de springveren in de matras. Verkoop een goede nachtrust. En het rendement van die warmwaterketel zal je koper worst wezen. Hij wil snel warm water tegen een voordelig tarief.

Een verkoopbrief die verkoopt? Vertrouw op je copywriter!

Lees volledige artikel > Sluit >

Schrijf klare taal

Mensen strooien in hun teksten graag met moeilijke woorden in plaats van klare taal. Omdat ze zich een slim imago willen aanmeten. Omdat ze denken dat complexe teksten een betere indruk maken. Of omdat ze verknocht zijn aan jargon en ambtenarees. Toch gaan zulke teksten compleet de mist in. Want als je lezer er kop noch staart aan krijgt, haakt hij onmiddellijk af.

10 tips voor helder taalgebruik

  1. Vermijd zoveel mogelijk vaktaal.
  2. Splits lange, samengestelde zinnen op in kortere, enkelvoudige zinnen.
  3. Hanteer pseudospreektaal: lees je tekst hardop. Zo hoor je meteen of hij goed bekt.
  4. Stem je woordkeuze en schrijfstijl af op je doelgroep.
  5. Gebruik actieve werkwoordsvormen: ‘een medewerker geeft het antwoord’ in plaats van ‘het antwoord wordt gegeven door een medewerker’.
  6. Focus op de essentie: wie, wat, waar, …
  7. Bouw een uniform verhaal met een logische structuur.
  8. Schrijf concreet: vermijd containerbegrippen die zo algemeen zijn dat ze geen zeggingskracht meer hebben (kwaliteit, service, dynamisch, …).
  9. Shoot your biggest gun first: zet de belangrijkste info vooraan.
  10. Schuif je ego aan de kant: schrijf voor je lezer, niet over jezelf.

Wil je het simpel houden? Huur mij in!

Lees volledige artikel > Sluit >

5 redenen om géén copywriter in te huren

  1. Je hebt tijd genoeg om zelf te schrijven – desnoods tussen de soep en de patatten.
  2. Je neemt vrede met stoffige teksten en taalblunders.
  3. Je verkoopt zo ook al genoeg.
  4. Je geeft geen barst om je imago.
  5. Je hebt er al eentje die goud waard is.

Voel je je niet aangesproken? Schakel dan wél een freelancecopywriter in. Zo krijg je:

  1. knisperende teksten die je imago boosten
  2. overtuigende schrijfsels die je klanten over de streep trekken
  3. meer tijd om te focussen op je kerntaken
  4. een frisse blik van iemand die zich in de schoenen van je klanten verplaatst
  5. ultieme flexibiliteit: je schakelt mij in wanneer je mij nodig hebt – op vaste of piekmomenten, op projectbasis, tijdens vakantieperiodes, …
Lees volledige artikel > Sluit >

Breek een lans voor de freelancer!

De boog van de freelance copywriter staat niet altijd gespannen. Niet omdat er iets mis is met zijn arbeidsethos – au contraire! Wel omdat hij schrijfklussen opknapt als een ‘vrije lans’. Net zoals de middeleeuwse ridders waaraan hij zijn naam ontleent, is de huidige freelance copywriter geen vaste opdrachtgever toegewijd. Je huurt hem in als een tekstsoldaat: een koene avonturier die dapper zijn schrijfkunsten ontplooit wanneer je hem ontbiedt.

Van vrije lansier …

Het was Sir Walter Scott die het woord freelance lanceerde (pun intended) in zijn klassieker Ivanhoe. Gewapend met eigen lans en paard, trok de vrije lansier ten strijde. Voor om het even wie en om het even wat. Hij voerde taken uit die zijn opdrachtgevers niet konden of wilden doen. Veelal gevaarlijke opdrachten. En nog slecht betaald ook.

… tot vrije tekstschrijver

De freelance copywriter voert gelukkig geen strijd op leven en dood. Hij krijgt doorgaans een redelijke vergoeding. En hij neemt je onbevreesd taken uit handen waarvoor je zelf geen tijd of aanleg hebt. Hoezo, iedereen kan toch schrijven? Ja, maar niet foutloos, wervend en doelgericht.

Je freelance copywriter is een tekstexpert die je boodschap treffend verwoordt, je merk oppoetst en je doelgroep bij het nekvel grijpt. Je verkoper op papier en op het net.

Wil je potentiële klanten tot actie aanzetten? Overtuigen met de juiste argumenten? En méér verkopen met minder moeite? Huur mij dan nú in. Ik scherp alvast mijn pen.

Lees volledige artikel > Sluit >

Kunnen? Wegbonjouren!

Hulpwerkwoorden helpen niet

‘Onze algemene voorwaarden kan u vinden op onze website.’

Aargh! Zie je wat er mis is met deze zin? Welk hulpwerkwoord hier compleet overbodig is? Juist, kunnen. Hulpwerkwoorden maken een zin nodeloos lang en gekunsteld. Zo boet je tekst aan kracht in. Schrappen dus. En draai de zin meteen ook om:

‘U vindt onze algemene voorwaarden op onze website.’

Zeg nu zelf: klinkt een pak beter, toch?

Modale hulpwerkwoorden

Ook hulpwerkwoorden zoals willen, mogen, moeten en zullen maken een zin formeel en stroef. Deze werkwoorden van modaliteit (ook wel modale hulpwerkwoorden) geven de houding aan ten opzichte van het werkwoord. Van een mogelijkheid of een wenselijkheid tot een waarschijnlijkheid. Gebruik je ze wanneer je ze niet nodig hebt? Dan ondermijnen ze de kracht van je zin.

Schrijf niet:

  • Ik zou graag piano willen spelen.
  • Met dit product kunt u veel geld besparen.
  • De winkel zal gesloten zijn op 1 november.

Schrijf wel:

  • Ik wil piano spelen.
  • Met dit product bespaart u veel geld.
  • De winkel is gesloten op 1 november.

Worstel je ook met een woordverslaving? Heb je de neiging om teksten te overladen met nutteloze formuleringen? Ik zet ze voor jou op dieet!

 

Lees volledige artikel > Sluit >

Dt-allergie

Dt-fouten: de nachtmerrie van iedere taalnazi. Maal je er niet om? Dat doe je beter wél. Want dt-fouten in je professionele teksten schaden je imago. Ze geven een slordige indruk. En zorgen soms voor een verkeerde interpretatie:

‘Dader van aanslag bekend’ betekent dat men weet wie de boosdoener is. Bekend is hier het voltooid deelwoord van bekennen.

Kopt de titel ‘Dader van aanslag bekent’, dan heeft hij/zij opgebiecht. Bekent is het werkwoord in de tegenwoordige tijd. 

Ezelsbrugje

Twijfel je of je d of dt moet schrijven in de tegenwoordige tijd? Vervang het werkwoord dan door eentje waarvan de stam niet op een d eindigt:

  • ik word (zonder t) want ik loop (niet: ik loopt)
  • jij wordt (met t) want jij loopt
  • word jij want loop jij (niet: loopt jij)
  • hij/zij wordt want hij/zij loopt
  • u wordt want u loopt
  • wordt u want loopt u

Hetzelfde geldt voor de gebiedende wijs:

  • Word wakker! (zonder t) naar analogie met Blijf wakker!
  • Wend je tot de meester! want Draai je naar de meester toe!

Hoe vind je de stam van een werkwoord?

De stam van een werkwoord is meestal de infinitief min ‘en’. In de tegenwoordige tijd voeg je een ’t ‘ toe bij de tweede en derde persoon enkelvoud. Dus:

  • jij wordt (stam + t)
  • hij/zij/het wordt (stam + t)

Pas op: als het werkwoord een lange klinker heeft, moet je aan de stam een klinker toevoegen:

  • spelen: stam is speel (niet spel) > jij speelt

Heeft het werkwoord een dubbele medeklinker? Dan moet je er eentje afhalen in de stam:

  • bakken: stam is bak (niet bakk) > jij bakt

Eindigt de ruwe stam op een v? Dan verander je die in een f. Een z wordt dan weer een s:

  • beven: stam is beef (lange klinker + v wordt f) > jij beeft
  • blazen: stam is blaas (lange klinker + z wordt s) > jij blaast

Krijg je toch nog een punthoofd van de dt-regel? Laat je tekst dan door mij nalezen. Ik speur dt-fouten en andere blunders genadeloos op!

Lees volledige artikel > Sluit >

Nederlands, please!

Gebruik je graag Engelse woorden in je teksten? Prima, zolang je er niet mee overdrijft. En zeker als het leenwoord is ingeburgerd of als er (nog) geen (goed) Nederlands alternatief bestaat. Vooral in de wereld van IT en technologie zijn Engelse leenwoorden schering en inslag: van website en homepage tot downloaden. En van harddisk en cloud tot outsourcen. Geen haan die ernaar kraait.

Wanneer wordt het irritant?

  • Als je Engelse woorden gebruikt om indruk te maken, of als ze de verstaanbaarheid van je tekst ondermijnen.

Save uw file over de feasibility study in de cloud.

Huh? Waarom niet gewoon: Bewaar uw bestand over de haalbaarheidsstudie in de cloud. (in de wolken is dan weer een brug te ver)

  • Als je te achteloos met Engelse termen strooit en je teksten doorspekt met woorden zoals kids, chillen, added value, out of the box, chick, crush, epic, swag, awesome, …

Hoe zit het met anglicismen?

In het Nederlands kom je vaak ook woorden tegen die letterlijk uit het Engels zijn vertaald. Anglicismen of leenvertalingen geven een slordige indruk en getuigen van luiheid. Typische voorbeelden:

  • acteren in de betekenis van handelen – to act
  • actie nemen in plaats van actie ondernemen – to take action
  • biljoen in plaats van miljard – billion
  • hinten op in plaats van zinspelen op – to hint at
  • meer of minder in plaats van min of meer – more or less
  • meest recent in plaats van recenter – most recent
  • atmosfeer in de betekenis van sfeer – atmosphere

Liever een loepzuivere tekst? Je copywriter haalt er moeiteloos alle leenvertalingen uit!

Lees volledige artikel > Sluit >